09-12-2018

Vroeger maakte ik spellen. Er was nooit een winnaar wanneer het spel was uitgespeeld.

Vroeger maakte ik spellen. Van karton, papier en kleurpotloden. Ik tekende alles met de hand. Pionnen stal ik van de Monopoly die we nooit gebruikten, en geld was er niet. Er was nooit een winnaar wanneer het spel was uitgespeeld. Ik snap niet waarom zoveel mensen alles als een wedstrijd zien. Is het plezier dat je er uit haalt niet genoeg? Is genoeg geld verdienen niet evengoed als meer geld verdienen dan je ooit zult kunnen uitgeven? Is geld überhaupt nodig? (In de maatschappij van mijn dromen niet nee)

Onze wereld is zo competitief. Ik merk het heel erg in mijn studie. Kunst. Mensen willen geen mooie wereld. Mensen willen de mooiste zijn in de wereld. Een vereiste die mijn school heeft gesteld om kunstenaar te kunnen worden is je onder andere kunstenaars begeven. Je kunt veel van je medemens leren. Alleen, ze willen niet dat je hun technieken steelt. Ze willen niet dat je ziet hoe zij alles doen, tewerk gaan, schetsen, aan ideeën komen. Want stel dat je daardoor beter wordt dan hen. Er is geen plaats op deze wereld voor twee kunstenaars.
Vannacht bedenk ik een zelfportret. Dat was de gedachte die ik had, toen ik zaterdagavond in bed lag. Soms heb ik van die nachten waarin ik per ongeluk een stroming in mijn hoofd doe ontstaan waardoor alle slaap verdronken wordt, en ik alles vlug vlug op moet schrijven, want anders is die stroom voorgoed weg uit mijn hoofd. Dusja. Die nacht bedacht ik een zelfportret. Over iets waar ik het altijd al moeilijk mee heb gehad.

Een mens kan een mens niet volledig kennen. Ik weet dat dat niet waar is. Omdat ik dat als kind wel heb gehad, omdat dat als kind wel kan, omdat je eigenheid nog zo simpel en onontwikkeld is dat je iemand kunt vinden die op precies dezelfde manier denkt als jij, maar naargelang er meer en meer aftakkingen komen aan je 'ik', wordt het steeds onmogelijker om iemand te vinden die je compleet kan kennen. Mensen zijn gecom
pliceerd en veranderen, zijn nooit in staat om zich volledig te kennen (te geven) en hebben bovendien de kracht niet om hun hele zijn uit te leggen, elke minuut dat dat verandert.

Ik wilde een foto maken, van mij tussen vreemden, wan mijzelf tussen vrienden of mijn klas, van mij bij mijn lief. Steeds met het onderschrift, in krijsende witte letters, 'NIEMAND KENT MIJ'. In een opwelling wilde ik familie contacteren die ik nog nooit ontmoet heb, om een familieportret te maken, maar dat was me toch iets te eng. Hierna heb ik mensen gevraagd wat ik ben, maar die dingen raken mij niet. Origineel, artistiek, open(?), inspirerend, ... Daar was ik niets mee. Enkel over open valt nog te discussiëren, omdat dat heel veel gevoelens (waaronder misschien zelfs frustratie) bij mij doet opwellen. Ik besloot om een lijst samen te stellen, met dingen die wel iets voor mij hebben betekend. Dingen die mij geraakt hebben en waarvan ik vermoed dat ze altijd wel ergens in mijn hoofd zullen blijven steken. Een heleboel van die stellingen beweren dat ik iemand ben zonder eigenheid, iemand die klakkelings de mening van anderen overneemt. Ik maakte de lijst. Ik schreef alles in de ik-vorm. Ik werd de persoon die mensen mij beweerde te zijn.

03-12-2018

Aangezien google analytics mij maar weer eens bewezen heeft dat niemand deze blog leest, besloot ik nog eens een blogje het wereldwijde web in te gooien. Normaal zie ik dit voor mij als een performer die zijn micro het publiek in goot (of zijn shirt, of zichzelf), maar nu is het eerder het gevoel van in de leegte te staan roepen, in een groep zo zacht iets te fluisteren dat niemand het hoort, of een brief in een fles de zee in te werpen. Ik ben nu eenmaal een romantische ziel. Ik teken nog steeds. Ik teken veel. Niet zo veel als ik zou willen. Ik trek me commentaar van anderen nog steeds aan. Iets meer dan ik zou willen. Alle kunst die ik goed vind is pure chaos, waarom wil ik dan toch zo net werken altijd? Ik ben daar niet goed in. Het nette past niet bij mij. Ik twijfel of ik wel de juiste school heb gekozen. Mijn studie is totaal niet commercieel gericht. Ik probeer een toekomstplan te vinden, maar het lukt me niet.

26-11-2018

De wereld heeft niet de zoveelste serieuze kunstenaar nodig



Het begon met mijn huis. Ik zit nu al 2,5 jaar op kot (of op kamers, zoals jullie Nederlanders dat zeggen. Door de uitspraak 'ja, dan ga ik wel op kot' te gebruiken in Utrecht werd mijn toelatingsproef ineens een mini hel van allemaal opmerkingen en stomme grapjes, die de hele middag bleven duren), en dat laatste halve jaartje was er teveel aan. Twee jaren van buren ontwijken (min één dag waarop ik me uitzonderlijk sociaal gedroeg, en erachter kwam dat al mijn huisgenoten van die bierdrinkende feestbeesten zijn zonder sociale capabelheid als ze niet minstens een halve liter Cara binnen hebben), nachtlawaai, géén wifi en dus een lopende rekening van mijn 4G,  ramen die niet afsluiten (waarvan eentje met ducttape vastzit), maar wel heel dicht bij school wonen, en dus een kwartier voor mijn les begint uit bed kunnen rollen, was het toch even allemaal genoeg. Ik besloot een advertentie online te zetten waarin ik zocht naar een nieuw huis, en kreeg al meteen reactie van iemand die met drie andere mensen in een heel leuk huisje woont. Ik zei dat ik wel eens langs wilde komen, vervolgens ben ik nooit gaan kijken. Omdat ik toch niet echt van verandering hou.

Zo besloot ik ook meerdere keren van studie te veranderen, maar heb dat ook nooit echt gedaan. Want ik teken te graag. Nu zit ik op een school waar tekenen het hoofdvak is. Ik snapte het zelf ook niet goed. Volgens mij zat het feit dat je voor school moet 'werken' te hard in mijn hoofd. En uit wat ik al gezien heb van het werkwoord 'werken', betekent dat jezelf uitbuiten tot je niet meer kan, tot je het niet meer leuk vindt, tot je helemaal opgebruikt bent. Daar zit ik dus heel erg fout. Ik ben aan het leren om werken weer leuk te vinden. Het is ook niet dat ik de school haatte, ik haatte mezelf. Ik haatte het feit dat ik niet goed genoeg was, en niet goed tekende. Alles wat ik voordat ik naar een kunstschool ging maakte vond ik oprecht leuk om te maken, maar het was niet goed genoeg, niet serieus genoeg. Daar begon mijn denkwijze dus al fout te lopen. Ik vond iets pas serieus als het me bloed, zweet en vooral tranen had gekost om het te maken. Nu, in november 2018, heb ik eindelijk door dat die flauwe tekeningetjes van voor ik begon met school eigenlijk veel beter waren dan wat ik twee jaar lang op school heb gemaakt. Nu, probeer ik mezelf weer aan te leren om mijn fantasie de vrije loop te laten gaan en gewoon te tekenen wat in me opkomt, flauw of niet, serieus of niet. Want de wereld heeft niet de zoveelste serieuze kunstenaar nodig. De wereld moet weer leuk worden.

twee alinea's over de angst van het maken

Vaak raak ik gestresseerd bij groepsprojecten, of als ik teken in het zicht van mensen die ik niet ken, en steek ik wat ik ga maken op 'ik heb een slechte dag', nog voor ik het gemaakt heb, gewoon om een excuus te hebben als het iets slechts zou worden. Ik heb altijd een vangnet nodig.


Soms durf ik niks te maken omdat ik weet dat mensen het gaan zien. Op school bijvoorbeeld. Als die toeschouwers mensen gaan zijn die ik als 'beter' dan mij beschouw. Soms maak ik dingen juist alleen om ze te laten zien. Aan mensen van het internet bijvoorbeeld, die toch niks kennen van kunst en wat ik maak dus wel goed gaan vinden.


25-11-2018

waarom iets leuk vinden om te maken belangrijker is dan wat je maakt

Ik ben absoluut geen perfectionist, tegelijk vind ik alles wat ik maak verschrikkelijk. Alles. Daarom moet ik stoppen met het maken van dingen als ik daar geen zin in heb, als het met een andere reden is gemaakt dan 'dat ik er zin in had'. En pas op, ik bedoel hier niet mee dat ik nooit iets in opdracht zou kunnen maken, maar die opdracht zou nooit de enige reden mogen zijn, niet bij mij, niet bij anderen. Er moet ook een gevoel van plezier in ontstaan. Want als je iets leuk vond om te maken, dan blijft dat. Dat gevoel van plezier blijft vastzitten aan die tekening, of dat beeldje, die foto. Terwijl, als je iets maakt zonder plezier, hangt er niks aan vast, is het een leeg beeld, dat ingevuld kan worden door anderen. Anderen noemen het slecht of lelijk of het bestaan niet waard. En als dat beeld gevuld is met plezier, dan luister je. Als het een leeg beeld is, dan geloof je.